Wil je graag lezen waar ik binnen deze interventies de focus op legde als kunstenaar, educator en onderzoeker?


Lees dan zeker de focus.


Wil je graag weten wat er juist gebeurde tijdens de interventies, wat ik tegenkwam, wat me aan het denken zetten, wat mij en de deelnemers opviel, wat er uitkwam?


Lees dan zeker de uitvoerige beschrijvingen van de interventies.


Wil je graag weten welke data ik al aan elkaar koppelde, hoe de conclusie vorm kreeg?


Lees dan de tussenanalyse en tussenconclusies.

Wonderen en Wanderen

Ontdekken en brainstormen.

Binnen de eerste twee sessies focus ik me vooral op het ontdekken en op het brainstormen. Ik start de sessie vanuit de hamvraag: Waar kom je humor indetentie tegen? Waar zie je humor in detentie. Hierdoor daag ik hen uit om kritisch en reflectief naar hun eigen wereld te kijken via een humoristische bril.

Fase 1, de ontdekkingsfase, sessie 1 en 2.

De nadruk ligt hier vooral op het ontdekken en verdiepen wat humor juist is, kan zijn en wat wij als co-creatie zullen doen de komende 8 sessies.

Mijn rol binnen deze fase is vooral die van educator, facilitator. 

Educator omdat ik vanuit mijn expertise met hen deel wat ik tot nu toe heb ervaren met humor en als humor. Aan de hand van cabaretfragmenten die ik hen toon laat ik zien hoe breed humor kan gaan, van het uitvergroten van een simpele gedachte (een bovenbuurman die nogal lawaaierig stapt) tot visuele humor (zonder woorden), tot muzikaal, tot … 

Daarnaast als facilitator doordat ik nooit zelf ga bepalen wat nu goede humor is, ik wil binnen dit onderzoek voorbij de smaak van humor gaan, ik wil dat vooral wij als co-creatieve groep humor laten ontstaan vanuit onszelf en minder vanuit een opgelegde stijl. Daarnaast  laat ik hen ook wat cartoons zien, die allemaal iets te maken hebben met humor en gevangenissen en vraag hen hierop te reageren.

Fase 2, de brainstormfase, sessie 1 en 2.

De nadruk ligt hier vooral op het genereren van ideeën die een connectie hebben met humor en met gevangenschap of de plek waar ze zich nu bevinden, Leuven hulp. 

Mijn rol binnen deze fase is vooral die van facilitator, moderator en deelnemer. 

Facilitator in de zin dat ik hen de basisidee geef om de brainstorm sessie te starten.

Moderator als in toch een beetje de structuur bewaken binnen het brainstormgesprek, via de methode om eerst op post-its hun idee met 1 woord te omschrijven en dan nadien vragen om dit woord te verklaren. Op deze manier betrek ik ook iedereen bij de brainstorm en levert dit een echt groepsgebeuren, een echte co-creatie op. 

Ikzelf neem ook deel aan de brainstorm en doe ook mee met de methode. Dit verklaart dan meteen mijn rol als deelnemer aan de co-creatie.


Focus

 

Ik laat hen cartoons zien van maatschappij kritische gedachten rond gevangenissen. Hiermee probeer ik hun kritische blik aan te wakkeren en geef ik hen mee dat humor hierin misschien een mooie vorm is om hiermee om te gaan, als protest, als coping, als...



Een eerste cartoon van iemand die na 15 jaar eindelijk vrij komt in een wereld vol smartphones maakt al meteen enkele verhalen los. Hoe je leven stilstaat in gevangenschap en je delen mist. Een zelfrefectief moment. "Ik had ne maat die 7 jaar had gezeten en toen hij buiten kwam een smartphone kreeg en toen hij naar mij kwam met een probleem zei ik gewoon, download die app. Hij kon dat niet, iets downloaden..." "Als ge van 2005 ofzo vastzat tot nu, dan zal dat wel zo zijn."

De gezamelijke conclusie is dat humor ook sterk is, omdat er vaak waarheid in schuilt. "De harde waarheid" voegt Khalid toe. De toon van de gesprekken verandert, het wordt serieuzer. De gesprekken lopen ook wat meer door elkaar heen. Iedereen wil graag even praten en zijn gedachten delen.


Een tweede cartoon toont hoe er soms wordt gekeken naar de cipiers als dommerikken en de gevangene die via sluwe listen probeert te ontsnappen.


 

Ook hier komen er gesprekken door op gang. Koen herhaalt zijn eerder beleefd moment met de cipier die binnen kwam en zei dat de appél niet klopte, "Ah ja, gij hebt den appel zelf opgegeten zei ik tegen bolle gijs (en hij doet teken van dikke). Dat is logisch als ge alle appels opeet." Het toeval wil dat ik haar eerder ook een appel zag eten in de centrale controlepost. Ze gaan verder "Ik heb een slijpmachine nodig voor mijn kip te snijden" Ik merk dat ze effectief wel humor gebruiken om zich af te zetten tegenover de machtsstructuur die hen probeert te onderdrukken. En dan gaat het gesprek richting wie ze kennen die al ontsnapt is. 

Ik merk op dat elke cartoon die ik toon iets doet met hen. Herkenning in de humor is duidelijk belangrijk voor hen.

Ze gebruiken humor om met celgenoten om te gaan, met de situatie in de gevangenis, met het feit dat ze soms met 3 op een cel moeten liggen waarbij dan iemand op de grond moet kruipen, met de taalbarrière waardoor ze elkaar niet altijd verstaan, of wel verstaan maar doen alsof ze geen Frans spreken om elkaar liggen te hebben, iemand zonder tanden een stuk fruit aanbieden,... 

En dan volgt er een cartoon over de overbevolking. Dit raakt duidelijk een gevoelige snaar.



Maar niet zozeer voor de overbevolking, die is er en dat is vervelend soms, maar de term isolatiecel raakt ze hard. Ik vraag even door. "3 dagen in isolatiecel doet wat met je." zegt Abdel. "Waarom ben je erin gestopt?" vraagt Jonas. "Ik had iets meegebracht dat ik niet mocht, een stuk chocolat" Lacht Abdel. Op dat moment gebruikt hij toch ook weer humor om dat vervelend gevoel weg te lachen. 

"Als je met 3 in de cel zit dan plakken ze trio op u deur. Hier zijn ze bezig." Gaat Koen verder. Ook hier is humor een copingsmechanisme.

Khalid krijgt toch ook schrik van het idee van de isolatiecel en vraagt verder of je dus hier in het cachot (zoals ze de isolatiecel noemen) vliegt als je betrapt wordt met een joint.

Ik vermoed dat dat een harde straf is, het cachot, dat dat misschien de plek is waar het lachen je even echt ontnomen wordt. 

 

Nieuwe improvisatieopdracht: De verrassende show. Deze oefening speelt in op het incongruentiegegeven uit mijn theoretische verkenning van humor. Je gaat verrassen waardoor er een grappige situatie ontstaat. Je bouwt iets op, om dan een volledig andere kant op te gaan. Met andere woorden creëer je een verwachtingspatroon, maar doet dan volledig iets anders.

Koen grapt: "Ja als ik hier nu voor diene camera zou beginnen plassen. Dat zouden ze niet verwachten." Hij deelt hierdoor wel dat hij de realiteit waar hij zich in bevindt niet kan vergeten.

Ook nu zijn de locaties en personages weer iets uitdagender, een gids op de Mount Everest, een kok in een sterrenrestaurant, een cocktailmixer, een hoerenkot, een rusthuis, een begrafenisondernemer, nen aldi, een mime-speler, ...

 

Maar eerst even spelen. Improvisatieopdracht: De stoel. Er staat een stoel in het midden van de ruimte, daar gaat iemand op zitten en die moet je er af krijgen, niet fysiek, maar aan de hand van spelaanbod. Het verbaasd me dat ze hier meteen mee van start gaan. Mijn angst voor schroom was duidelijk ongegrond. Er wordt veel gelachen en er ontstaan fijne en grappige momenten. Na een tijdje valt het me op dat elke scène die ze spelen zich op een locatie afspeelt binnen de muren. Komt dit doordat dit hen verbindt? Komt dit doordat ze alleen maar met hun leven binnen de muren bezig zijn op dit moment? Is het te pijnlijk om in hun fantasie uit de gevangenis te treden? Of komt het door de openingsvraag wat er van humor leeft binnen de gevangenis, zodat ze zich nu beperken tot situaties binnen detentie?

Ik speel zelf ook mee, op vraag van hen, en installeer een locatie buiten gevangenschap. Zonder probleem kruipen ze mee in die fantasie. Het is dus niet pijnlijk voor hen om over buiten te fantaseren. Ik vraag me af of er een verschil is in de humormomenten die ze gebruiken voor scènes binnen de muren, of scènes buiten de muren?

Nu is het pad vrij om breder te gaan in locaties en ook zij spelen nu enkel nog maar scènes buiten detentie, op een strand, cocktails sippend, in een pretpark in een rollercoaster, genietend op een nieuwe Japanse toilet, in een racket naar de maan,... Het valt op dat de sfeer echt luchtiger wordt, de ideeën volgen elkaar in razendsnel tempo op. En er wordt gelachen, veel gelachen. Het valt me ook op dat de nieuwe locaties allemaal locaties zijn met een potentieel om een gevoel van vrijheid van geest te  creëren.

 

Koen vertelt de ene anecdote na de andere, de anderen hangen aan zijn lippen, ik ook. Hij kan echt goed vertellen. Maar ik kan me niet ontdoen van het idee dat hij er toch vaak een grote schep bovenop doet. Hij zet zichzelf ook steeds in het centrum van het verhaal. Hij was ook altijd overal bij... Ik twijfel over de waarachtigheid, maar dat hij humor gebruikt als middel om wat hij daar (zelf) meemaakt of hoort een plek te geven, is zeker een feit.

 


De post-its zijn geplakt. Ik neem er willekeurig ééntje uit en lees het keyword voor. "Mc gyver" Jurgen vertelt trots zijn idee. De rest luistert en vult aan. Hij ziet een mogelijkheid om humor te destilleren uit de creatieve oplossingen die iedereen in de gevangenis toepassen om het hun leven iets aangenamer te maken. Op een gegeven moment zegt hij: "Hier is heel veel creativiteit, meer als buiten." Zegt hij nu dat je net door de begrenzing verplicht wordt om je innerlijke creativiteit zo goed en zo kwaad als mogelijk aan te wakkeren? Dat je net door in deze benarde situatie te zitten je jezelf meer ontdekt en meer kan dan je oorspronkelijk had gedacht? Zou het vele nietsdoen hier ook mee te maken hebben?

De volgende die eruit komt is 'paketjes (sic.) die niet aankomen' over de tocht die een pakketje soms doet. Van de ene gedetineerde naar de andere. Ook hier schuilt weer een enorme drang tot creativiteit achter. 

En ook 'duif' staat er tussen. "Wat is er humoristisch aan een duif?" vraag ik. En dan komen er vele verhalen over hoe ze met de duiven communiceren (of proberen) en hoe ze de duiven bestuderen, eten geven, er tegen praten. De duiven weten exact wanneer wij eten, dan komen ze af. Ik maak de bedenking van een duif van Pavlov. 

'Mensonvriendelijkheid' staat ook op een post-it. Ik vraag uitleg. Jonas begint: "Awel wat hij daarnet zei over dat lossen." "Lossen knecht" roept Koen. "Ze noemen ons soms knecht." "En wij moeten hen chef noemen" Voegt Abdel toe. "Daar heb ik moeite mee." Ze beamen allemaal. Dit voelt voor hen niet fijn. De dehumaniserende factor van ons detentiesysteem raakt hen duidelijk. Kan humor hier helpen, hoor ik mezelf zeggen. "Natuurlijk!" Roept Koen vastberaden. Weer vormt de term lossen voor een sleutelmoment.

En dan bewijst de methode zijn doel, want plots zie ik op een post-it de term vinket staan. Dat ken ik niet. Ik vraag uitleg. Het blijkt van Ruben te zijn die al heel de sessie meedoet, maar in de gesprekken tussendoor weinig tot niets zegt. Hij legt uit dat dat het raampje is in hun celdeur waar ze dan soms aan de binnenkant iets naast/boven  plakken (zoals duivelshoorns), zodat als er een cipier doorkijkt, hun gezicht er grappiger uitziet. Een kleine act van revolte, opgelost met humor. De anderen moeten hier mee lachen en krijgen hierdoor zelf ook ideeën hoe ze hun eigen cel kunnen opvrolijken. Hij krijgt wat zelfvertrouwen en begint zijn vinket zelfs als voorbeeld te tekenen. "Dat is ook zoiets als, hela ge moet betalen voor de peepshow" Voegt Ruben nog toe aan zijn act van revolte.

Nadien is Rubens stem ook iets meer aanwezig in de tussengesprekken. Dus door de kracht van een positieve ervaring door het gebruik van humor is Ruben echt wel wat opengebloeid. Kan dit een eerste stap zijn naar het durven uiten van je innerlijke gedachten in de publieke sfeer?

Koen neemt de situatie wel weer snel over, doordat hij zijn enthousiasme en ongeduld niet langer meer kon bedwingen en neemt zelf een post-it van zichzelf waar hij heel tevreden over was: 'De pandibox'. Een idee gebasseerd op Andrès Pandy (waar Koen mee beweerde een cel gedeeld te hebben) die zijn lijken oploste in het zuur. Dus een idee om als begrafenisondernemer dit ecologische idee ook te gaan commercialiseren. 

Jonas zijn keyword 'hulpveleening (sic.)' hulpverlening bracht ook wel het een en het ander teweeg. Dit gaat over de afhankelijkheid die je soms ervaart in de cel, zelfs in tijden van dringende hulp. Dan moet je op een knopje duwen voor dringende hulpverlening, maar dan kan het soms nog vrij lang duren, zeker s'nachts. Ze zien een scène voor hen, heel erg Kafka, waar je vanalles moet doen alvorens je hulp zou krijgen, van het kastje naar de muur, van den os naar den ezel ("En we zitten weer bij beesten lossen" zegt Koen). Ze scheren u hier allemaal over dezelfde kam, ze bekijken u hier niet individueel, ze behandelen ons allemaal als leugenaars, jaja, tzal wel die is niet ziek,... Het systeem zorgt dus voor de-individualisatie.

Omgekeerd is dat zeker niet zo, niet alle cipiers zijn hetzelfde voor hen, sommige vinden ze echt niet leuk, andere doen dan weer de hormonen van de mannen stijgen. 

Je voelt dat er humor in de groep zit. We lachen samen, plagen elkaar af en toe, en brainen gezellig zonder elkaar echt te ondermijnen. De groep wordt hechter.

 

Ik zet de opname-apparatuur klaar en ontdek dat er geen wifi of internetkabel is. Een evidentie voor mij dat er eigenlijk tegenwoordig overal internet is. Maar dus niet voor gedetineerden en voor het personeel daar. Zo stond ik daar met mijn linken naar verschillende cabaretfragmenten. Een eerste obstakel. Ik moet een deel van mijn voorbereiding veranderen. Gelukkig heb ik al wat schema’s voor de volgende sessie uitgewerkt en kan ik wat verschuivingen maken.

 

De spanning stijgt, even ademhalen. Ik merk aan het getetter van Britt dat ook zij het wel spannend vindt. 'Hopelijk komen ze' 'Amaai, de zon is echt fel' En dan is het tijd om te bellen naar de centrale controlepost dat de gedetineerden mogen komen. Hou het direct en kort, dat hebben ze graag bij de controlepost, krijg ik nog mee. 'Hallo, het is Maarten voor het project 'humor in detentie'. Ik ben klaar, de deelnemers mogen komen.' Het blijft eventjes stil. En dan wordt het appél gegeven: ‘Lossen project humor in detentie’ weerklinkt doorheen de celgangen. Ik kijk verbaasd. Maar voor Britt klonk dit doodnormaal.

3,2,1 Start

Sessie 1

 

Sessie 1: vrijdag 22 november 2024 van 13u-15u.


Ik ben ruim op tijd, een uur op voorhand. Moet me eerst aanmelden, identiteitskaart afgeven, ik krijg een batch (nu ben ik dus officieel ook lid van de gevangenisfamilie), en sleutel van een kluisje om mijn waardevolle en verboden spullen achter te laten. Ik krijg toestemming om laptop, geluidsopnameapparatuur en muziekbox mee te nemen. Dan door metaaldetector (ik biep niet, oef!) en wachten op Britt Paquet, mijn contact binnen de gevangenis. Nog even vlug naar de toilet en ze staat me al op te wachten. Elke deur heeft een knopje om in te duwen zodat de deur op afstand (na cameracheck) kan opengedaan worden. In totaal 8 deuren alvorens in de cellengang te komen. Eigenijk een prachtig oud gebouw, met specifieke geur (niet al te fris, ik zoek nog naar een juiste term, en misschien afhankelijk van wat de pot schaft?), loop dan door naar een centraal punt waar alle gangen samenkomen. Hier zit de centrale controlepost. Daar meld ik me nogmaals aan en krijg een interne telefoon mee, lesgever 1 staat er op. Terug door enkele (twee) hekken (brede tralies) om dan een verdiep naar boven te gaan en over een overloop te stappen die de cellen op de eerste verdieping verbinden. Nog een laatste (rode) tralies voorbij met een sleutel, en dan pas zijn we aan het ontspanningslokaal.

 

Beschrijving van het lokaal.


Enkele tafels tegen elkaar met rode stoelen rond, houten vloer, aangenaam warm, 3 grote ramen en 4 deuren, witte muren, op 1 muur na waarop een muurschildering is aangebracht met de tekst ‘ne retombe pas dans le haram abdu’. De schildering spreekt tot de verbeelding, er vliegt een vliegtuig op van freedom airline, je ziet een figuur van dragon ball Z, een gebergte en ervoor gebouwen aan een straat. Eén van de gebouwen is een kerk, een andere een moskee. Aan de andere kant van de straat start een bos met aansluitend een meer met eenden op, dit gaat over in de woestijn met zandduinen en hier staat een moeder met twee kinderen op afgebeeld die wuiven naar een man die je enkel in rugaanzicht ziet. Voorts hangen er enkele tekeningen aan een prikbord en op een kast staan beschilderde vogelkastjes.



De sessie begint. 


- Even snel kennismaken. Het valt me op dat de deelnemers elkaar wel al kennen. ("Iedereen kent iedereen hier in de gevangenis" zegt Jonas)

 


 


- Er wordt een schets gemaakt van wat we tijdens deze sessies gaan doen. Samen een cabaretscène maken en bedenken. Er is meteen interesse en input. Koen: "Hier zitten is al gewoon puur Kafka. Dat is kafkaiaans hé, als ge hier zit. Als ge het een beetje begrijpt?"


- Ik leg uit waarrond we gaan brainstormen:

"Ik ben soort van expert in humor maken, jullie zijn experts in het hier zijn."


"We kunnen misschien eens wisselen." Lacht Jurgen.


"Neen klopt" zegt Koen "Wij zijn ervaringsdeskundigen. Experts in het crimineel zijn. Maar dat is ook humor. Ik ben soms fel." Analyseert hij (terecht).


"We gaan een co-creatie aan. Ik ga dat niet alleen maken, maar we gaan dat samen maken, proberen als groep om dat hier samen te maken."


De vraag die ik stel is: Hebben jullie al humor tegengekomen hier in de gevangenis?

Meteen veel reacties.

  • We proberen ons best te doen om het wat aangenamer te maken, want het is hier al droog genoeg.
  • Onze foorkramer op cel.
  • Humor is een copingmechanisme. Ik gebruik dat al heel mijn leven om het wat plezanter te maken.
  • Dat geeft ne kick. Er is niets zo leuk als de mensen blij maken en laten lachen.

  • Ge traint daar uw buikspieren mee. Door te lachen.
  • Smoort is wiet en zie dan de stomste dingen, dan lacht ge u een kriek. Sommige scènes kunt ge niet nuchter uitvinden.
  • Ikzelf voeg ook dingen toe:

    Ik droom soms grappige scènes. 

    Dus dan wordt ge wakker van het lachen, ofwa?

    Klopt, die schrijf ik dan op in een schriftje naast mijn bed.


De toon is gezet. De co-creatie kan beginnen.
 

 

Het is even wachten alvorens de eerste deelnemer toekomt, maar dan stap Abdel binnen. Met een glimlach op zijn gezicht, een eind 20-ger, licht kalend, guitige oogjes, hij geeft een hand en vraagt of hij zitten mag. Hij wil weten of ik nog al eens in de gevangenis gewerkt heb? Of met groepen dit soort project heb gedaan. Ondertussen komt ook Jurgen binnen, midden 40, ontbrekende tanden, grijze haren achterover gekamd, limburgs accent en hele mooie lichtbruine ogen. "Is dat hier voor de humor" zegt hij met goesting. Hij verraadt zijn voorpret. Geeft me een hand. Ook hij is wat zenuwachtig en begint ook over de felle zonneschijn. Er staat koffie op hen te wachten. Ze nemen een tasje en ondertussen komen Jonas, begin 20, vale kleur, blauwe wallen en wondjes op zijn armen (het lijken sporen van injecties) en Ruben, midden 40ger, kaal, mysterieuze blik, fel blauwe ogen, samen binnen, zij blijken celgenoten. Jonas geeft een hand en neemt onmiddellijk een tas koffie nadat ik zei dat er koffie was. Hij begint te zoeken naar een lepeltje, maar vindt er geen. "Zijn er geen lepeltjes?" Ruben is wat stiller en zet zich neer. Khalid komt binnen: "Is dat hier om te lachen?" Hij heeft een lange zwarte baard en draagt een jelaba. Voor hij binnenkomt raakt hij even zijn hart aan en geeft zijn hand een kusje. Hij wil ook graag koffie en zoekt ook naar lepeltjes, hij heeft graag 3 suikertjes in zijn tas koffie. Britt komt even kijken of iedereen er is, of ze misschien nog enkelen uit de cel moet halen (want soms horen de cipiers het niet zo goed, of doen ze alsof ze het niet horen en kunnen de deelnemers niet komen). Ze vraagt aan Jurgen of Koen niet komt? "Koen, dat is de grapjas van de detentie hé. Die is niet op zijn mondje gevallen. Die komt nog, maar is het wasmachien nog aan het versteken" Jonas zegt hierop: "Wat zijn wasmachien aan het opsteken?" "Versteken" verbetert Jurgen. "Dat moet pijn doen! Een wasmachine opsteken. Hij liever als ekik, dat moet pijn doen ze kameraad." Lacht Jonas. Eerste lachsalvo van de sessie is een feit. Er zullen er nog veel volgen. En dan komt Koen binnen, Koen is groot, kort zwart haar, bril en straalt veel zelfvertrouwen uit, hij praat heel erg assosiatief en snel en is inderdaad best grappig. Hij zegt meteen erg luid "De laatste zijn de besten hé! Nekeer goed lachen is gezond." Ook hij verraadt duidelijke voorpret

Ze zoeken ondertussen nog steeds naar lepeltjes om de suiker in de koffie te roeren. 

"Hebt gij geen lepetjes meegebracht Koen?" Vraagt Jonas.

Koen speelt hier onmiddelijk op in. "Neen, zie ik er als ne lepelaar uit? Hé, Lepeltje lepeltje of wa?" Zijn associatief vermogen is heel hoog.


Britt komt nog even binnen om te melden dat er vandaag 2 deelnemers niet bij gaan zijn. Maar dat ze wel weet dat ze er de volgende keer wel heel graag bij willen zijn, dus of ik het ok vind om geen reserve kandidaten op te bellen vandaag? Voor mij is dat prima. Dus met 6 vandaag. 1 iemand had ongestoord bezoek, en een andere is gaan werken als schilder. 


Er wordt nog gevraagd om lepeltjes mee te brengen. De lepeltjes kwestie laat ze duidelijk niet los. Ook binnen de humor. Er worden woordspelingen op lepeltjes gemaakt/herhaald. Ze lachen. Ik zeg, voila de toon is gezet. En begin aan de sessie door mezelf kort voor te stellen.  

 

En dan is het tijd voor de brainstorm sessie. Concreet werd de vraag gesteld om als experten in de gevangenis situaties te zoeken die humoristisch waren/zouden kunnen zijn. "Ik weet hier van niks" lacht Abdel. "Ik zou zeggen, steekt is iets uit en kom hier ook zitten, dan word ge zelf ook expert." Grapt Jurgen. "Ik ben de wikipedia van de gevangenis" schept Koen op. "Dus we gaan veel materiaal kunnen maken". Onder deze motiverende slogan begint iedereen post-its te beschrijven en op onze gezamelijke tafel te kleven. De ene heeft al snel 15 post-its voor hem liggen, de andere begint met 'ik weet niks', uiteindelijk begint iedereen toch wat te bedenken en liggen er voor iedereen wel wat post-its. 

En dan roept Koen: "Ik weet iets: als ze roepen lossen. Hoe disrespectful. Precies of we beesten zijn." Hij veert recht en begint een bizon na te doen "Dan voel ik mij echt een bizon, meuh, meuh, mag ik gelost worden! Ik doe niet voor niets constant het geluid van een kip na." Ik voel enthousiasme bij iedereen. Dit kan wel eens het idee worden van deze sessie. Maatschappij kritisch, grappig, verrassend en het brengt hen is staat om hun situatie misschien enigszins te veranderen.

 

Op een gegeven moment stapt er een cipier de ruimte in om te controleren of iedereen op de lijst aanwezig is. Het is het moment van de dag waarop alle gedetineerden of in hun cel moeten zijn of op een workshop. Dit heet het appél, Koen grapt: "Vandaag genen appel voor u meer hé. Dat heb ik altijd al eens willen zeggen." De cipier ziet er de humor niet van in, jammer genoeg.

 

Koen wijdt ook uit over het idee dat hij heeft om misschien binnen de gevangenis een soort comedy-strip zoals kabouter Wesley, (de grofgebekte kabouter van Jonas Geirnaert) te maken. Buiten heerst de rat-race, maar hier hebben we daar wel veel tijd voor. Het blijft echter voorlopig wel nog maar bij een idee. Wat houdt hem tegen? Waarom maakt hij die komische strip niet?

 

Hij grapt verder: "Die pakketjes die over de muur worden gegooid heel den tijd, in de cantine hebben ze wel condooms voor bescherming, ze zouden er beter ook helmen leggen." "Ik ga u onderzoeken, doe maar ik heb juist ne pot glijmiddel gekocht. Doe maar." ... Een one-man show.

 

Ik rond de sessie af. We hebben al heel veel ideeën. Te veel. Probeer voor volgende keer nog steeds open te staan voor extra ideeën binnen deze muren waar humor zich in verschuilt. 

"Was het wat plezant?" vraag ik als afsluitende vraag.

"Ik vond het top" roept Koen. "Op mijn lijf geschreven." De rest beaamt. "Heel fijn om te lachen." "Echt heel plezant." 

Ik merk vooral vertrouwen en respect naar mij toe en naar elkaar. Dat is fijn.

 

sessie 2: woensdag 27 november 2024 18u00-20u00


Ik heb men lesje geleerd wat betreft het internet-euvel en heb de te bekijken fragmenten gedownload. Samen met Britt installeer ik een projector en geluidsboxen. 

Het ideale moment om even bij Britt te checken of ze nog iets opgevangen heeft van de vorige sessie in de afgelopen dagen. "Ja" zegt ze "Ze vonden het allemaal echt heel plezant. Vooral Koen was er niet meer over te stoppen." 

"Maarten, ge speelt intgeniep." Hoor ik plots. Jurgen komt binnen met grote lach en een goesting die ervanaf spat. Je voelt heel duidelijk dat hij hier naaruitgekeken heeft. De voorpret was weer heel herkenbaar. Ook ik keek uit naar deze sessie. 

Britt vraagt zich af hoe hij dat wist, dat mijn cabaretgezelschap Intgeniep heette. Ze hadden het stiekem opgezocht. Voor in een plek te zijn waar geen wifi was niet vanzelfsprekend. Maar ze hadden aan een cipier gevraagd het even voor hen op te zoeken. Jurgen deelt een cel met Koen, soms spelen ze spelletjes en als ze dan niet op een woord komen vragen ze het aan een cipier om dat even op te zoeken. Zo hadden ze mij ook even gescreend. Het heeft hen dus niet losgelaten tussen de twee sessies in. "Ge ziet, als ge creatief zijt in de gevangenis,..." knipoogt hij naar mij. Abdel is ook weer van de partij. Jurgen en Abdel geven aan al meerdere andere workshops samen gedaan te hebben, maar dit is wel echt één van de leukere workshops tot nu toe. Het streelt mijn imago. Bij de andere workshops kunnen ze niet zozeer hunzelf zijn, zegt Abdel nog tegen Jurgen terwijl ik de projector afstel op de juiste hoogte. Ik hoorde dit gesprek pas nadien, op de geluidsopname. Technische zaken regelen slorpt mijn aandacht altijd volledig op. Het gesprek gaat echter verder op de achtergrond. Jammer dat x er niet bij is. Die is ook echt grappig. Dat was echt iets voor hem. En dan komt Akin binnen. Jurgen vraagt meteen of hij er vorige keer ook bij was. Toen had hij ongestoord beroep. Akin is een man begin 20 met een Nederlands accent, frisse zwarte krullen, een knappe man met afwachtende blik en kritische houding. Die verliest hij maar zelden. Ik hoor mezelf zoeken naar mijn instellingen terwijl Jurgen op de achtergrond Akin even bijpraat. "Hey, dit is leuk hé. Hier moogt ge de grapjas in uzelf boven halen." En dan geven ze elkaar nog wat culinaire tips, hoe je met een oude pan, toch niets laat aanbakken. Ahmed komt ook voor de eerste keer binnen, een piepjonge man, 19 jaar, met wat sproeten op zijn wangen en erg vriendelijke ogen, hij lacht wat verlegen. Jurgen wijst de nieuwelingen er ook op dat alles auditief wordt opgenomen en doet dit met een mopje. "Maarten zat intgeniep in de gevangenis geluid op te nemen." Voor Akin, die Nederlander is, moet het typisch Vlaamse woord intgeniep even verduidelijkt worden. "Stiekem" verklaart Jurgen. Akin is bij de pinken en wil graag alles begrijpen. Koen komt ook binnen en spreekt Duits. Hij is in form. "Ik ook" reageert Jurgen. Koen klaagt een beetje over die kakelende kip onder hem die heel de tijd zingt. Ik vraag of er iemand van hen ook muziek speelt? Koen speelt heel goed luchtgitaar zegt hij. Neen, als ik gitaar zou kunnen spelen zoals ik zou kunnen lullen, dan..." "Zou ge Eric Clapton zijn" lacht Jurgen.

Britt komt binnen, Ruben en Jonas komen niet, geen zin deze avond. En Khalid was nog niet geroepen. Koen licht even toe dat voor vele gedetineerde een sessie na het avondeten minder ideaal is. Als het donker is willen sommigen gewoon in hun cel blijven. En dat het ook wandeling is voor sommigen, die verkiezen dat dan. Hij wil me precies geruststellen dat dit normaal is. Abdel voegt toe: "Dat zou toch raar zijn, deze sessie duurt twee uur, de wandeling maar 1u. Als ik kan kiezen ben ik liever twee uur uit cel." Ik maak me de bedenking of deze mannen hier echt voor dit project zitten of eerder voor gewoon uit hun cel te zijn en een fijne tijd. Ik vermoed dat de meesten met die insteek wel aanwezig zijn. En toch verraadt het enthousiasme van Jurgen en Koen hun oprechte interesse. Khalid blijkt die avond ook niet te komen, hij voelde zich wat ziek en plat van zijn medicatie. Dus dan is de sessie vandaag met 5. "Als ge mij nodig hebt belt ge maar, veel plezier" sluit Britt af. Koen en Jurgen zijn inderdaad in form en zeggen bijna gelijktijdig "Ook om pizza te bestellen?" 

 

3,2,1 Start

 

Het spelen met machtstructuren die deze scène aankaart werkt duidelijk goed. Misschien heeft het Duitse karakter van de scène er ook iets mee te maken en de windmolen met hakenkruis viel hen ook humoristisch op. In ieder geval stelden ze zich de vraag als een rechter zo zou spelen met de bepaling van hun straf... lachsalvo.

Ik merk dat humor, net zoals bij de cartoons en de brainstorm wel de kracht heeft om maatschappij kritiek op een fijne manier vorm te geven. Ook zij zien dit helemaal zitten. 

 

We sluiten de sessie af met een vooruitblik naar de volgende sessies. Dan gaan we al onze brainstorm ideeën proberen te structureren. Maar dat wil niet zeggen dat ze ondertussen geen nieuwe imput meer kunnen ontdekken. Ik geef hen als tip mee om te blijven zoeken naar humor in detentie. 

 

Dit fragment doet het gelukkig wel wat beter. Ze kunnen zich weer herkennen in deze scène. "Wij hebben ook zo een buren hier." Zoals in de vorige sessie merk ik op dat herkenning voor hen echt belangrijk is om de humor te laten leiden. "Er is hier zo ene die elke avond roept: AANDACHT AANDACHT!" Het lachen van de vorige sessie is terug. Ook de twee nieuwkomers komen wat losser. Maar zijn duidelijk minder extravert dan de anderen. "AANDACHT AANDACHT, gelieve jullie reddingsvesten aan te doen!" roept Koen, "zo'n dingen roept die dus, AANDACHT AANDACHT mijn raam staat open." "Elke avond" voegt Abdel toe. De verhalen komen weer op gang van luidruchtige celgenoten, roepers tijdens de wandeling, geluiden uit de cellen, kloppen op de radiatoren, ... Ergernissen, zaken die ze niet meteen als leuk hebben ervaren en toch kunnen ze er nu mee lachen. Jurgen legt de link met vorige sessie. Straks opschrijven, absurde celmaat. En hoe ga je daar mee om. Ik laat ze het volgende fragment zien en zeg misschien zo?  

Sessie 2

 

En dan gaan we weer verder met de brainstorm. Ik ben nieuwsgierig of er hen de afgelopen dagen veel was opgevallen. "Er is heel veel gebeurd de laatste dagen" start Abdel "Vandaag stond de politie hier met drugshonden" "Gisteren veel pakketjes over de muur gevlogen" Voegt Koen toe. Er was een celcontrole geweest en uiteraard was Koen erbij en had hij alles gezien. Er was een blok van 25 gram gevonden. "Ik had gehoord 35 gram" zegt Abdel verbaasd. "Ik had gehoord 30 gram" komt Akin tussen. Koen vertelt verder dat hij het verslag heeft kunnen inzien en ... en ... de clou blijft lang weg. Ik voel dat ze allemaal vinden dat de celcontroles oneerlijk zijn, of dat het systeem in de gevangenis voorspelbaar is. Er worden pakketjes over de muur gegooid, de volgende dag zware celcontrole. En dat alles wat je zegt tegen je gebruikt kan worden. Ik vraag even naar welke concepten potentieel humoristisch kunnen zijn. Er ontstaat een idee voor een scène waarin een ondervraging fout loopt en de ondervraagde zichzelf er heel hard inpraat, leugen op leugen op leugen construeert tot het niet meer kan. Ik besef dat ze, door hier te liegen in gevangenschap, eigenlijk een deel van hun individualiteit proberen te behouden. Dit kunnen ze zelf nog beslissen. Dit hebben ze zelf in de hand. Ik denk dat humor datzelfde kan bereiken. Alleen moeten ze dan misschien niet liegen, maar juist zichzelf en de ander met de waarheid durven confronteren.

Een beetje verder in brainstorm verpraat Abdel zich bijna voor wie het pakketje was, maar hij houdt zich in en zegt snel neen, eigenlijk weet ik van niks. Lachsalvo. "Dat gebeurt hier heel veel, dat niemand van iets weet." Zegt Jurgen. "Iedereen valt hier altijd uit de lucht" "Ja de pakketjes ook" grapt Ahmed. Hij is vaak wat stiller, maar als hij iets zegt is het meestal wel raak. 

Ook dit wijst op een vorm van bescherming van je individu. Geheimen houden voor jezelf. En natuurlijk speelt de macht hier ook een rol. De macht onder de gedetineerden samen tegen de cipiers. Je voelt dat de structuur echt een tweestrijd uitlokt.

Het was door de komst van het pakketje ook een bewogen nacht, gaan ze verder, iedereen was aan het zingen onder invloed van medicatie. Zelf spreken ze nooit over drugs, maar steeds over medicatie. Ik leg eindelijk wat linken met de afwezigen die last hebben van hun medicatie...

 

De gesprekken en brainstorm gaan verder. Doorheen de gesprekken voel ik wel een ontspannenheid, details worden meer en meer, ze praten honderduit over smokkeltechnieken, alcoholstook technieken, geheime communicatiesystemen, ... De verhalen worden steeds heldhaftiger en iedereen lacht vaak met de intgeniepe zaken. De link met humor is nooit ver weg.

Tot er een moment komt dat Abdel een verhaal bovenhaalt van drie dagen geleden. Er had een gevecht plaats gevonden in een werkplek. En dat gevecht was blijkbaar pittig. Ik vroeg wat daar dan de humoristische insteek was. Even stilte. Bij iedereen. "Ja, eigenlijk is daar niets grappig aan." geeft Abdel toe. Het gesprek krijgt een hele andere toon. Er komen vragen zoals: "Heeft iemand het eigenlijk echt zien gebeuren?" Abdel moet toegeven dat hij het gezien had en dat het toch ook wel pijnlijk was om te ervaren dat één van de gedetineerden door vele anderen werd bijgestaan en er voor de andere (een nieuweling) niemand in de bres sprong. Ge voelt bij iedereen een besef. Dit eerst zo heldhaftige actie verhaal kreeg door de vraag: wat de link met humor was?, plots een zeer menselijke empatische richting. Het nadenken over humor kan dus ook empatische gedachten aanwakkeren. Net die empathie die Nussbaum (2011) ook koppelt aan vrijheid van geest.

We blijven er niet te lang meer bij stilstaan en gaan weer terug op zoek naar situaties die wel humor opleveren. Gelukkig ontstaan die snel door de link met slecht nieuws krijgen of ontvangen. Zoals je vonnis ontvangen. En dan een om ter slechtste nieuws show. Er kan weer gelachen worden.

 

De 2e sessie kan beginnen.

 

- Even een kleine recap voor de nieuwkomers. 


- Ook hen stel ik de vraag of ze eventueel aan dingen denken binnen de gevangenis die voor hen potentieel grappig zouden kunnen zijn

 

- Maar eerst even naar de langverwachte cabaretfragmenten kijken.

 

- En dan de vraag of er nog extra zaken zijn opgevallen de afgelopen dagen? Ik was best nieuwsgierig. 

 

Als ik het eerste fragment aankondig voel ik in eerste instantie enthousiasme, even naar humor kijken. Maar de reacties blijven tijdens de scène, ondanks het publiek wel hard lacht, wat uit. Ze snappen de moppen wel, maar vonden het iets te braaf. Ze houden meer van Hans Teeuwen, wat grovere moppen. Hans Teeuwen is hen niet onbekend, in tegendeel. Ze weten er best al wel veel van en delen die informatie ook graag. Humor houdt hen dus wel bezig. Les goût et les couleurs,...

  

 

Het valt ook op dat Koen humor meer beheerst dan een ander. Hij snapt de iets moeilijkere, intelligentere humor vaak rapper dan de rest. Geniet duidelijk van de incongruentietwists en lacht ook vaak het luidst. Men zegt wel al eens dat mensen met humor vaak cognitief flexibeler zijn. Maar klopt dit ook? Zijn associatief vermogen en opmerkingen zijn ook vaak op humor gebasseerd. Hij gebruikt humor als basis binnen zijn zijn. 

 

Ook hier wordt smakelijk mee gelachen. Maar dan volgt er ook een serieus gesprek, een klein reflectief moment. Dat het niet altijd gemakkelijk is om met twee in een kleine ruimte te zijn. Of om gepast te reageren als iemand bij jou in de cel begint te huilen. 

Ik moet denken aan een zin die Tanya Hermsen zei tijdens een expert talk enkele maanden na deze sessie. 'Bij humor zit altijd een kant, die heel dicht bij de mens zelf komt, bij verdriet of frustratie, angst, … maar deel je dit zo gemakkelijk in groep?' Het is eigenlijk een heel erg mooi moment dat het huilen van een celgenoot met de woedeuitbarsting uit het fragment wordt geassocieerd. Empathie?

 

En dan best een spannend moment. Ik laat een compilatie zien van enkele scènes van Intgeniep. Van mezelf. Ze genieten en moeten af en toe ook lachen. Daarnaast zie ik ook dat ze uit respect mee in de scènes willen kruipen. Als er bv een muzikale scène kwam en ik begon te zingen, kreeg ik motiverende blikken. Goed bezig. En gij speelt ook een muziekinstrument? Zalig. Akin blijft echter als enige stoïcijns. Hij brengt me wat in de war voel ik. Ik besef dat met humor werken of inkijk geven in jouw humor inderdaad ook een heel grote kwetsbaarheid met zich meebrengt. Een kwetsbaarheid die pas kan ontstaan als je jezelf durft open stellen. Tot hij zei: ik verstond er niet veel van, dat Vlaams hé.

En toch krijg ik het gevoel dat hij zich nog niet meteen openstelt voor het proces.

 

 

Ik analyseer de muurschildering. De vliegtuigmaatschappij heet freedom airlines. Daar heb je de term vrijheid. Bedoelen ze hier de echte fysieke vrijheid of zou dit ook de figuurlijke vrijheid van geest kunnen zijn? Dat ze verlangen om met het vrijheidsvliegtuig uit hun cel te kunnen reizen naar betere oorden in hun fantasie? 

Ik ervaar ook gemis vanuit de schildering, gemis van hun gezin. Gedetineerden worden hen ontnomen om deel te zijn van hun gezin. Welke impact heeft dit op hun vrijheid van geest?

We zien ook geen gezicht van de mannelijke figuur. Dit raakt me. Is dit te moeilijk om de waarheid echt in de ogen te kijken, willen ze hun ware emoties verstoppen? Ik vraag me af of humor dit ook doet, hen een mechanisme aanbiedt om hun echte emoties te verstoppen, of net een spiegel voorhoudt. Beide kunnen, blijkt uit het theoretisch kader. 


Naast de afbeelding merk ook ik meteen vormen van dehumanisatie in de gevangenis op. De term lossen die gehanteerd wordt om de gedetineerden uit hun cel te laten. Ook de gedetineerden zelf voelen hier een aversie naar. Humor helpt hen hierin om deze vorm van maatschappijkritiek aan te kaarten.  


Maar dat is zeker niet alles. In de afgelopen twee sessie ervaarde ik reeds hoe het werken vanuit humor hen tools gaf als protest, als zelfreflectie tool, om de harde waarheid onder ogen te komen en om zich af te zetten tegenover machtsstructuren. Maar of het daardoor een blijvend effect zal uitlokken is nog maar de vraag. En toch voel ik dat humor de kracht heeft om zowel zelfreflectief en maatschappijkritisch te handelen en hierdoor de kracht bezit om verandering teweeg te brengen.


Ook viel het me op dat humor vaak een coping mechanisme vormt binnen detentie. Ze gebruiken humor om dingen te verwerken, om het hele gebeuren daar wat aangenamer te maken. De term escapisme is hier zeker ook op zijn plaats, maar ik probeer hier de negatieve connotatie te vermijden. Escapisme als in echt ontsnappen in hun hoofd door humor. Even hun situatie vergeten. Al kan ik dit momenteel nog niet helemaal staven, mede ook doordat de humor die momenteel gebruikt werd vooral niet wegging van hun omgeving en ze hierdoor ook de realiteit van hun situatie niet vergaten


Daarnaast ontdek ik uit voorgaande sessies dat humor kan werken als (zelf)reflectief mechanisme als herkenning plaatsvindt binnen de humor. Ook het incongruentie mechanisme staaft zijn bestaan op deze herkenning. Deze gezamenlijke herkenning zorgt voor verbinding en lokt betrokkenheid uit.


Binnen gevangenschap zijn er best wel wat psychologische gevolgen, dehumanisatie zoals hierboven beschreven kon ik al opmerken, maar ook de de-individualisatie (waarvan sprake in mijn theoretisch kader) herkende ik reeds. Daarnaast voelde ik de mogelijkheid om via humor je individualiteit net te gaan behouden als je jezelf en de ander met de waarheid confronteert.


Ook zag ik al een mooie vorm van empathie die ontstond door het concept humor met hen te beleven, te bevragen. Humor kan er dus voor zorgen dat je via reflectie de andere beter gaat begrijpen.  


En toch merk ik ook dat je humor pas ten volle kan toelaten en gebruiken als je jezelf ook durft openstellen. Hier zit een conflict met de vrijheid van geest. Deze stelt dat je net vrij van geest bent als je je innerlijke gedachten kan openstellen binnen de publieke sfeer. Maar hoe kan ik dan onderzoeken of humor een invloed heeft op je vrijheid van geest als je diezelfde kwaliteiten ook nodig hebt om humor te creëren.


Daarnaast ontdekte ik dat net door een begrenzing, creativiteit aangewakkerd wordt. Net door begrenzing krijg je dus een geweldige tool in handen om op zoek te gaan naar die vrijheid van geest. Ik denk hierbij aan de quote die ik samen met Ben Hekkema ontwierp: vrijheid bestaat pas bij gratie van begrenzing. 


Ik stel mezelf ook de kritische vraag: Waarom zitten die mannen bij mij? Zitten ze daar om zich echt open te stellen om humor te beleven? Of zitten ze daar omdat dat leuker is, dan in hun cel te zitten. En misschien doet hun motivatie er ook niet toe, het feit dat ze er zitten is misschien al voldoende.


Daarnaast merk ik op overal waar ik de term humor laat vallen, dat iedereen al meteen een sprankel in zijn ogen krijgt, alsof het een pavlov effect heeft op je gelukshormoon. Ik merk ook enorm veel voorpret op bij enkele deelnemers, nog voor de eerste sessie. En deze voorpret groeide alleen maar naar de tweede sessie toe. Humor laat hen even niet los en dat is toch ook deels het doel van mijn sessies.



Tussenconclusies:


  • Ik merk op dat ik het niet altijd even simpel vind om de rol van kunstenaar en mijn rol als observator/onderzoeker te combineren. Ik beslis om deze twee rollen vanaf nu ook niet meer tegelijkertijd uit te voeren. Ik zoek toch bewust naar een externe (interne) observator. 

  • Ik besef ook dat door enkel geluidsopnames en mijn eigen observatie als onderzoekende methode te gebruiken, ik behoorlijk subjectief te werk ga. En denk na over manieren om data te gaan halen die objectiever zijn dan mijn eigen subjectieve interpretatie van de situatie. Een diepgaandere theoretische verkenning is hiervan een gevolg, maar ook de (zelf)reflectieve momenten op het einde van elke sessie die ik vanaf nu zal inzetten.

  • Ik denk ook na over een manier om mijn eigen observatie nog beter te kunnen verwerken/uitvoeren. Ik kies ervoor om de groep vanaf nu op te splitsen in kleinere gehelen zodat ik meer overzicht bewaar over de observatie.

 

Tussen- analyse

             - conclusie